Te koop: De spellen van mijn man. Gesigneerd!

Mijn excuses dat ik een weekje heb overgeslagen. Er speelt hier namelijk het een en ander (excusez le mot). Van de week was mijn man (ik noem hem altijd Dik) op een dag de hond uitlaten. Ik ben toen aan zijn bureau gaan zitten en heb ingelogd op zijn Bordspelwereld account.

Dat klinkt ernstiger dan het is. In ons huis heet dat geen digitale inbraak, maar relationele nieuwsgierigheid. Bovendien gebruikt mijn man hetzelfde wachtwoord voor alles waar hij emotioneel aan gehecht is.
Ik had dus de keuze uit zijn account, zijn bordspelmarktplaats en vermoedelijk ook de thermostaat.
Ik begin voorzichtig.

Zoals u misschien weet zucht ons huis onder een bordspelleninfarct en heeft mijn man al vaak beloofd dat hij spellen zou verkopen. Dat zegt hij meestal wanneer ik een kast open en er drie dozen naar buiten schuiven alsof ze asiel aanvragen.
Dan zegt hij: “Ja, daar moet ik binnenkort echt eens wat aan doen.”

Binnenkort.

Een prachtig woord. Het klinkt als een afspraak, maar het betekent bij mannen: na mijn dood, tenzij iemand mij eerder onder druk zet.
Ik heb hem dus onder druk gezet.

Deze week liep mijn emmer over en heb ik vijf verhuisdozen op de overloop neergezet, naast de deur van zijn spellenkamer. Daarna heb ik hem verteld dat die dozen aan het eind van de dag gevuld moesten zijn met spellen die verkocht mochten worden. Niet “misschien ooit”. Niet “alleen als ik er een goed gevoel bij heb”. Gewoon verkocht. Weg. Uit huis. Naar mensen die er vrijwillig voor betalen en daarna zelf mogen ontdekken waarom mijn man het spel na één potje in een kast heeft begraven.
Hij sputterde behoorlijk tegen.

Natuurlijk sputterde hij tegen. Een bordspelverslaafde geeft niet zomaar spellen op. Een bordspelverslaafde spreekt over zijn verzameling alsof het een archief van nationale betekenis is. Elk spel heeft een verhaal. Elk spel is bijzonder. Elk spel is “lastig verkrijgbaar”. Zelfs spellen die nog gewoon in de winkel liggen, zijn volgens hem lastig verkrijgbaar, omdat ze daar misschien binnenkort niet meer liggen. Op die manier is brood ook zeldzaam.

Ik heb gezegd dat ik om twaalf uur de volgende dag vijf gevulde dozen wilde zien, plus een lijst met prijzen.
“En anders?” vroeg hij.
“Dan vertrek ik naar mijn moeder.”
Hij keek moeilijk, een beetje verbaasd, maar nog niet echt geschrokken.
“En ik neem de hond mee” zei ik.

Toen werd het stil.

U moet weten: mijn man houdt van mij. Dat vermoed ik tenminste. Maar hij houdt aantoonbaar van de hond. De hond spreekt hem niet tegen, stelt geen vragen over Kickstarter en gaat enthousiast mee wandelen, ook als hij ondertussen een monoloog houdt over asymmetrische facties. De hond heeft in dit huwelijk een onderhandelingspositie waar ik jaren voor heb moeten werken.

Tot mijn verrassing stonden er vanmiddag inderdaad vijf verhuisdozen boven.
Vijf.

Ik geef toe: ik werd er even emotioneel van. Niet omdat ik ontroerd was, maar omdat ik zag dat dit dus al die tijd gewoon mogelijk was geweest. Jarenlang heb ik gedacht dat bordspellen zich organisch door ons huis verspreidden, zoals schimmel in een vochtige kelder. Maar nee. Je kunt ze blijkbaar oppakken en in een doos doen. Dat was voor mij een doorbraak.
Twee uur later kreeg ik zijn lijst.

Een keurige lijst. Titel, staat, bijzonderheden en prijs. Mijn man keek erbij alsof hij een handelsdocument van de Verenigde Naties had opgesteld.
Ik keek naar de eerste bedragen.
Toen wist ik weer waarom er nooit iets verkocht wordt.

Mijn man had geen verkooplijst gemaakt. Mijn man had een afscheidsritueel geprijsd. Elk bedrag was een stille smeekbede aan de markt: neem het vooral niet. Kijk ernaar, bewonder het, erken de zeldzaamheid, maar koop het alsjeblieft niet, want dan moet ik echt loslaten.

Sukiyumi stond erop. Een of ander Japans spel, volgens hem superzeldzaam. Er zat ook nog een door de auteur gemaakte 3D-print bij. Dat zei hij erbij alsof de keizer van Japan persoonlijk een plastic berggeit had uitgepoept.
Prijs: driehonderd euro.

D r i e h o n d e r d.
Voor een spel.
Tweedehands.
Uit ons huis.
Waar het al jaren stof verzamelt tussen een uitbreiding die nooit is uitgepakt en een doos waarvan hij zelf niet meer weet of hij hem compleet heeft.

“Driehonderd euro?” vroeg ik.
“Ja,” zei hij. “Dat vragen ze er op BGG ook voor.”

Daar is het dus misgegaan. Mijn man heeft niet gekeken wat mensen betalen. Hij heeft gekeken wat andere mannen vragen die ook niets willen verkopen. Dat is geen marktprijs. Dat is een groepssessie voor kartonnen rouwverwerking.
Ik zei: “Rot op.”
Niet als belediging, maar als economisch advies.

Hij begon uit te leggen dat je rekening moet houden met zeldzaamheid, conditie, verzendkosten, vraagprijzen, internationale beschikbaarheid en de aanwezigheid van die 3D-print.
Ik heb hem onderbroken.

“Geen wonder dat je nooit wat verkoopt. Geef mij die lijst maar. Ik zal je laten zien hoe je tweedehands spellen verkoopt.”
Toen heb ik de prijzen aangepast.
Niet een beetje. Niet voorzichtig. Niet met respect voor zijn emotionele band met karton.
Gewoon omlaag.
Hoppa!

Naar bedragen waarvan kopers gaan kwijlen en verzamelaars zenuwachtig hun portemonnee pakken. Prijzen waarbij mensen niet eerst drie dagen gaan nadenken, vijf berichten sturen en vragen of er een foto van de onderkant van de insert is. Prijzen waarbij ze zeggen: “Ik kom het vanavond halen.”
Dat is namelijk het doel van verkopen. Dat iets weggaat.

Ik weet dat dit voor sommige mannen verwarrend is.
Mijn man noemt het “onder de waarde verkopen”. Ik noem het “ruimte creëren”.
Hij zegt dat ik de markt verpest. Ik zeg dat onze voormalige logeerkamer al jaren verpest is.
Hij zegt dat hij er ooit veel meer voor heeft betaald. Ik heb hem eraan herinnerd dat ik ooit ook een strakke taille had, maar dat niemand mij daar nu nog de nieuwwaarde voor geeft.
Dat vond hij onnodig.
Ik vond het leerzaam.

Vanavond zet ik de lijst op Facebook. Niet hij. Ik. Anders krijgen we teksten als: “Met pijn in het hart aangeboden” en “Alleen weg voor een goed bod” en “Geen onzinbiedingen”. Dat laatste betekent bij mijn man: geen biedingen die verkoop waarschijnlijk maken.

Mijn advertentie wordt kort.

Vijf dozen spellen.
Vaste prijzen.
Ophalen voor vrijdag.
Wie eerst komt, wie eerst speelt.
Geen onderhandelingen met mannen die eerst hun vrouw moeten vragen of er ruimte is.

Als er vrijdag nog iets over is, mag hij dat meenemen naar Mysticon. Daar kan hij dan achter een tafel gaan zitten met zijn gezicht van gekrenkte antiquair. Ik zie het al voor me. Hij plakt er stiekem weer zijn eigen prijzen op. Sukiyumi weer driehonderd euro. Een kaartspel met lichte deuk: “zeldzame editie”. Een spel zonder Nederlandse regels: “taalonafhankelijk, als je veel geduld hebt”.

Daarom geef ik u een tip.
Gaat u naar Mysticon? Wilt u daar tweedehands scoren? Maak dan een kopie van mijn lijst.
Niet die van hem.
Die van mij.

En als u bij zijn tafel staat en hij begint over BGG-prijzen, zeldzaamheid, importkosten, auteursprints of de emotionele schade van afstand doen, schuif dan rustig mijn lijst onder zijn neus.

Zeg erbij: “Mevrouw Verschuur zei dat dit de echte prijzen zijn.”
Dan ziet u iets moois.
Geen bordspel.
Geen koopje.
Maar een man die ontdekt dat zijn vrouw niet alleen zijn account kan kapen, maar ook zijn marktwaarde.

En als hij moeilijk doet, vraag dan naar de hond.

Die is namelijk voorlopig onder mijn beheer.

O ja… die lijst met tweedehands spellen… die kunt u hier bekijken.:
https://bordspelwereld.nl/tweedehands?view=message/
Koopjes! Bij elk spel kunt u op de knop “mail” klikken.
Desgewenst zet ik nog op de binnenkant van het deksel dat u het van mij hebt gekocht.
Hebben we dan een deal?

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Waarschuwing!

Welkom in mijn leven, waar sarcasme op het aanrecht ligt en mijn echtgenoot — een bordspelverzamelaar met huishoudallergie — dagelijks de bron is van mijn ergernissen. Verwacht geen tips, wel treffende observaties, bittere grappen en het geluid van een vrouw die al voor de derde keer deze week een was doet terwijl hij “even snel iets opzet dat maar 90 minuten duurt”.

Voor wie houdt van ironie met een vleug lipstick: Ik ben mevrouw Verschuur en ik ben dit blog begonnen als lotgenotengroep voor vrouwen die ooit dachten: “Wat kan er mis zijn met een man die houdt van spelletjes?”